Ondertussen in het Brokanthuis
Iedereen is dol op haar. Altijd tijd voor een praatje, altijd bereid om te helpen, en altijd met een positieve blik op de wereld. Een fijn mens, in alles.
Als ze op donderdagochtend hijgend het kantoor binnenkomt, weet ik meteen dat het mis is. Ze is ontzettend benauwd, heeft de huisarts al gebeld en vraagt of ik met haar mee kan. Dus stappen we in de Brokant-auto richting praktijk. Daar blijkt dat de oorzaak bij het hart ligt. Op de terugweg rijden we meteen langs de apotheek: voor het eerst in haar leven medicatie. Liever niet, maar als het helpt, dan moet het.
Na het weekend hoor ik dat ze in het ziekenhuis ligt. Op zaterdag waren de klachten verergerd. Een schrik voor iedereen. Gelukkig is ze dinsdag weer terug.
Samen bespreken we wat nu goed voor haar is: voorlopig een paar keer per dag even om het hoekje kijken, elke dag beneden eten, en hulp bij het organiseren van haar medicijnen. Want van nul naar zes pillen per dag is een grote stap.
Ze heeft er echt een jas bij uitgedaan. Zelf blijft ze even optimistisch als altijd, en ze is zichtbaar dankbaar voor alle aandacht.
Wat je geeft, krijg je terug — dat laat zij ons elke dag zien.